Dieren

Hieronder vind je info over koeien, kippen en varkens.

Koeien

Rangorde in de kudde
Koeien zijn kuddedieren. Ze hebben er een hekel aan om alleen te zijn. Daarom staan koeien op een biologische boerderij ook altijd bij elkaar, zowel op stal als in de wei. Binnen de kudde is er een sterke rangorde. De wijste en sterkste koe is de baas. Als een koe niet tevreden is met haar plaats in de rangorde, gaat ze strijden om een hogere positie. Als koeien te weinig ruimte hebben, voelen ze zich bedreigd en gaan ze hun plek in de rangorde verdedigen. Voor de rust in de kudde krijgen biologische koeien daarom binnen en buiten voldoende ruimte.

Van voeding tot mest
Het basismenu van een biologische koe bestaat uit ruwvoer dat ze kan herkauwen. 's Zomers is dat wel 90 kilo vers gras per dag! Voor een goede melkproductie krijgt ze daar nog twee kilo krachtvoer bij; bijvoorbeeld eiwitrijke granen zoals maïs en luzerne. Een koe kauwt haar voedsel twee keer. Na de eerste keer kauwen gaat het voer naar de pens. Als die vol is, komt het bij beetjes terug in de bek zodat de koe het nog een keer kan kauwen. Herkauwen heet dat. Om haar dorst te lessen drinkt ze dagelijks 70 liter water!
Een koe poept en piest 100 kilo mest en urine per dag. De mest heeft de boer nodig om de akkers vruchtbaar te maken voor de teelt van bijvoorbeeld groente en maïs.

Melkproductie
Een biologische koe geeft gemiddeld 20 liter melk per dag (een gangbare koe gemiddeld 28 liter per dag). Vanaf de geboorte van haar eerste kalfje, heeft ze melkproductie en kan de boer beginnen haar te melken. De melk verkoopt de boer aan de melkfabriek. 

Van kalfje tot koe

• Een baby-koe heet een kalfje (0 tot 1 jaar)
• Een 'tiener'-koe heet een pink (1 tot 2 jaar)
• Vanaf haar tweede jaar krijgt een koe jaarlijks een kalfje. Een jonge koe, die nog maar één keer een kalfje heeft gekregen, heet een vaars (2 tot 3 jaar).
• Een koe is pas een volwassen koe na de geboorte van haar tweede kalf (3 jaar en ouder). Een biologische melkkoe gaat gemiddeld na 5 jaar naar de biologische slager.

Waarom hebben koeien een oormerk?
Net als mensen heeft ook elke koe een eigen paspoort. Hierin staat wanneer en waar ze geboren is, wie haar ouders zijn en welke boer haar baas is. Maar er staat bijvoorbeeld ook in of het wel of geen biologische koe is.
Omdat een koe geen broekzak heeft, zit het paspoort in de vorm van een geel plastic kaartje in haar oor: een oormerk. Op het oormerk staat het 'paspoortnummer' en in de computer van de boer staan de persoonlijke gegevens van de koe. Voor de zekerheid heeft ze twee oormerken. Want als ze er eentje verliest, heeft ze altijd nog een reserve. De oormerken zijn heel belangrijk. Als de koe een erfelijke ziekte heeft, kan haar hele familie opgespoord worden. Zo kan voorkomen worden dat de ziekte zich blijft verspreiden.

Wanneer is een koe een biologische koe?
Een biologische boer krijgt pas een EKO-keurmerk voor zijn melk als hij zich aan de volgende regels houdt:

• Maximaal 1 koe per halve hectare land (ongeveer zo groot als een voetbalveld)
• Minimaal 6 m2 stalruimte per koe
• In de stal moet daglicht en frisse lucht zijn, en voor elke koe een droge en schone plek met stro of zaagsel waarop zij zacht kan liggen.
• Minimaal 90% van het voer moet biologisch geteeld zijn; vanaf 2005 moet 100% van het voer biologisch geteeld zijn.
• Minimaal 60% van het voer (gewicht droge stof) moet ruwvoer zijn; dat is voer dat de koe kan herkauwen zoals gras en hooi. Al het ruwvoer moet biologisch geteeld zijn.
• Al het voer moet gentechvrij zijn
• Een koe moet minstens 120 dagen per jaar in de wei staan
• Een biologisch-dynamische koe mag niet onthoornd worden; een biologische koe mag wel onthoornd worden.
• Preventief gebruik van geneesmiddelen, antibiotica en hormonen is verboden
• Ziekte kan voorkomen worden met goede verzorging en voeding. Als de koe toch ziek wordt, moet de dierenarts komen. Bij de behandeling van ziekten hebben natuurlijke en homeopatische medicijnen de voorkeur.

Varkens

De aard van het varken
Varkens zijn intelligente en speelse dieren. Een varken gaat zich dan ook stierlijk vervelen als hij geen ruimte heeft om te dollen. Het wordt dan een vervelend beestje en bijt in de oren en staarten van zijn stalgenootjes. Daarom is het heel belangrijk dat een varken lekker naar buiten kan om een modderbad te nemen. En een ruime stal met stro heeft om in te wroeten of te rusten.
Als je 's zomers een bezoek brengt een biologische varkenshouderij en daar de varkens intens tevreden in een modderpoel ziet liggen, is het moeilijk voor te stellen dat het eigenlijk een hele propere diertjes is. Varkens zijn zindelijk en poepen en piesen netjes op één plek in de stal of lopen eventjes naar buiten voor hun behoefte. Ook houden ze erg van een douche.
Varkens zijn alleseters. In het wild scharrelen ze een afwisselend menu bij elkaar dat varieert van eikels tot plantenwortels. Op de biologische boerderij eten ze ook gevarieerd: een mengsel van biologisch geteelde granen en gras waarin ze lekker kunnen wroeten.

Speurvarken
Wist je dat varkens heel goed kunnen ruiken? Mensen gebruiken speurvarkens om truffels te zoeken. Truffels zijn paddestoelen die onder de grond groeien. Zowel varkens als mensen zijn dol op deze knolvormige paddestoelen.

Krulstaart
'Een staart is voor mij het symbool van het vrije varken', vertelt biologisch varkenshouder Peter Wijnen. 'In de vee-industrie wordt de staart er afgehaald omdat varkens uit verveling en door overbevolking en stress eraan gaan knabbelen en zo elkaar verwonden. Maar in de biologische varkenshouderij is het niet nodig en ook verboden, de staarten er af te halen.'

Feiten over varkens
• Een vrouwtjesvarken heet een zeug.
• Een mannetjesvarken heet een beer.
• Een moedervarken krijgt gemiddeld 11 biggen.
• Een volwassen mannetjesvarken kan wel 500 kilo zwaar worden.
Wanneer is een varken een biologisch varken?
Een biologische varkenshouder krijgt een EKO-keurmerk voor zijn varkens als hij zich aan de volgende regels houdt:
• Minimale stalruimte: 1,3 m2 per volwassen vleesvarken; 7,5 m2 voor een moedervarken met biggetjes
• Minimale buitenruimte: 1 m2 buitenruimte per volwassen vleesvarken; 2,5 m2 voor een moedervarken met biggetjes.
• In de stallen moet ruimschoots daglicht en frisse lucht zijn en voor elk varken een droge en schone plek met stro om behaaglijk in te rusten
• De varkens moeten het hele jaar door - weer of geen weer - zelf kunnen bepalen of ze binnen of buiten willen lopen.
• Eisen aan het voer: 80% moet biologisch zijn; alles moet gentechvrij zijn. Er mogen geen hormonen, medicijnen en diermeel aan toegevoegd zijn.
• Het afknippen van tanden, staarten en oren is verboden
• Bij het transport mogen de varkens niet met elektronische dwangmiddelen de veewagen ingedreven worden

Kip

De aard van de kip
Kippen zijn beweeglijke en alerte dieren. Als je naar ze kijkt, kan je ze nauwelijks betrappen op een moment van rust: ze schrapen met hun poten, ze draaien waakzaam met hun kopje of nemen een zandbad waarbij ze wild met hun veren schudden.
Als kippen te weinig ruimte hebben en zich vervelen, gaan ze elkaar pikken en verwonden. In de gangbare pluimveehouderij wordt daarom het voorste stuk van de snavel afgeknipt. Snavelkappen is in de biologische pluimveehouderij niet toegestaan. De biologische pluimveehouder zorgt er gewoon voor dat zijn kippen voldoende ruimte en afleiding hebben. Buiten kunnen ze in het gras en op stal tussen het stro scharrelen.
Op de biologische boerderij krijgen kippen graankorrels om op te pikken. En ze zoeken zelf voedsel. Met hun poten woelen ze buiten de aarde om, op zoek naar wormen en insecten. Zo nu en dan pikken ze ook een grasspriet mee.

Op stok
Kippen slapen van nature in een boom zodat ze niet ten prooi vallen aan nachtelijke roofdieren zoals de vos. In een biologisch kippenhok gaan ze op stok. Dit lijkt op hun natuurlijke slaapplaats en de kip vindt het fijn. Bovendien is dit beter voor haar gezondheid. Als ze namelijk op de grond slaapt, wordt het broeierig en kruipt er ongedierte tussen haar veren.

Waakhaan
Hanen zijn goede waakdieren. Als er bijvoorbeeld een buizerd overvliegt - een roofvogel die graag een kippetje lust - waarschuwt hij de anderen. Omdat kippen zich veiliger voelen in het gezelschap van een haan, lopen er op een biologisch-dynamische pluimveehouderij ook altijd een paar hanen tussen de kippen.

Ei
Een kip legt bijna elke dag een ei. Een biologische kip legt gemiddeld 275 en een gangbare kip 310 eieren per jaar. Het leggen van een ei doet ze het liefst alleen, in de beschutting van een nest of een klein hokje. Als het ei eenmaal gelegd is, laat ze het vol trots horen! Luid tokkend roept ze de haan erbij.
De eierdooier van een biologisch ei heeft niet altijd dezelfde kleur geel. Dit komt doordat het menu van kip tot kip en van dag tot dag varieert. De ene kip eet bijvoorbeeld meer gras dan de ander en in de winter vinden ze buiten andere hapjes dan 's zomers.

Kippensite
Wil je nog meer weten over biologische kippen? En kennismaken met de biologische pluimveehouders Willem en Corine en de kippen op hun boerderij in Amstelveen? Kijk dan op www.adopteereenkip.nl

Wanneer is een kip een biologische kip?
Een biologische pluimveehouder krijgt een EKO-keurmerk voor zijn eieren als hij zich aan de volgende regels houdt:
• Maximaal 6 leghennen per m2 stalruimte
• Minimaal 4 m2 buitenruimte per kip; dit moet voornamelijk begroeid zijn
• In de stal is daglicht, frisse lucht, strooisel op de grond en er zijn zitstokken en legnesten
• De kippen moeten vrijelijk naar binnen en naar buiten kunnen lopen
• Minstens 80% van het voer moet biologisch zijn; al het voer moet gentechvrij zijn.
• Een deel van het voer moet uit graan bestaan
• Verwijderen van snavelpunten is verboden